reduce reuse recycle, sustainability concept drawn by chalk

Circulair installeren: hype of toekomst?

In 2050 wil Nederland volledig duurzaam en circulair zijn. Dat betekent: een economie zonder afval, waarbij alles draait op herbruikbare grondstoffen. Zodat straks niks (echt niks!) meer naar de stort verdwijnt. Dat klinkt bijna utopisch, zeker in onze business. Toch kan er nu al meer dan je denkt. Kijk maar naar deze vlogserie!

In een circulaire wereld bestaat er geen afval meer: alles wat er wordt afgedankt, is grondstof voor iets nieuws. Koffiedik voor paddenstoelen. Oude dakisolatie voor vloerisolatie. Betonpuin voor nieuw beton. Daar kunnen we lacherig over doen, maar met de groeiende schaarste van grondstoffen (en stijgende prijzen) is nadenken over hergebruik keiharde noodzaak. Niet alleen omdat dat is afgesproken in het Grondstoffenakkoord van 2017, maar eerst en vooral omdat hoe dan ook alles wat we nu installeren over tien, twintig of dertig jaar weer tevoorschijn komt. En wat kunnen we er dán mee?

Al over negen jaar

Ondanks een aantal goede initiatieven – daarover straks meer – leeft circulair denken nog niet sterk in onze sector. Volgens een peiling van Bouwkennis denkt van alle installateurs in Nederland slechts 15% dat ze over tien jaar met meer hergebruikte materialen werken dan met nieuwe. Daarmee scoort de sector het laagst van alle onderzochte marktpartijen. Intussen moet Nederland volgens het Grondstoffenakkoord uit 2017 het gebruik van primaire grondstoffen (mineraal, fossiel en metalen) in 2030 met minstens 50% hebben verlaagd. Dat is al over negen jaar! 

Refurbished

Circulair installeren kan op veel manieren. Bijvoorbeeld door remanufacturing, waarbij een product door middel van het vervangen van een paar defecte of versleten onderdelen door nieuwe weer in goede conditie wordt gebracht. Bekender is refurbishing: daarvan is sprake als je geen onderdelen vervangt door nieuwe, maar ze opfrist, reinigt of – met name bij elektronica – opnieuw installeert. In de wereld van mobieltjes en laptops (denk aan Leapp) zijn ‘refurbs’ al heel gewoon. 

Een van de voortrekkers in de installatiesector op dat vlak is Gunst Warmtetechniek uit Den Haag. Eigenaar/ondernemer Dick Gunst heeft zich gespecialiseerd in het renoveren van ketels voor particulieren. Hij werkt samen met een groothandel die gebruikte onderdelen inneemt, reviseert en/of repareert en dan grondig controleert zodat ze weer kunnen worden ingezet. Remanufactured of refurbished is goedkoper voor de klant en beter voor het milieu.

Van de 200 cv-ketels waren er 80 nog maar 8 jaar oud – die konden prima hergebruikt.

350.000 ketels níet weggooien

Wat voor componenten kan, kan ook prima voor complete ketels en luchtbehandelingskasten. Techniek Nederland (toen nog Uneto-VNI) schreef in 2018 in een persbericht dat jaarlijks 350.000 cv-ketels aan vervanging toe zijn. Dat betekent echter niet dat jaarlijks al die 350.000 cv-ketels ook letterlijk op de schroothoop belanden. 

Installatiebedrijf Kemkens uit Arnhem weet dat inmiddels uit de praktijk. In een verduurzamingsproject van Volkshuisvesting in Arnhem moesten van 200 woningen de cv-ketel worden vervangen door een zuiniger model. Tussen die 200 ketels zaten er 80 van nog maar 8 jaar oud. Die zijn door Kemkens voorzichtig gedemonteerd en binnen 48 uur weer geïnstalleerd in woningen waar de ketel aan vernieuwing toe was. Uiteraard in nauw overleg met opdrachtgever Volkshuisvesting en met duidelijke communicatie naar de bewoners, zodat die wisten dat hun nieuwe ketel niet zozeer nieuw was, maar gerenoveerd.

Ook sociaal werk- en leerbedrijf Iederz in Groningen heeft sinds vorig jaar een re-used ketel. Deze was aan vervanging toe, maar door het beperkte toekomstperspectief zagen ze een nieuwe ketel zagen niet zitten. In samenwerking met Strukton Worksphere zijn ze samen tot een efficiënte, circulaire en duurzame oplossing gekomen. Waarover in onderstaande vlog meer.

Losmaakbaarheid

Hergebruik gaat makkelijker wanneer installaties losmaakbaar zijn. Dus niet kiezen voor vloerverwarming in beton, maar voor uitneembare convectoren. Liefst van recyclebaar aluminium. Schroeven en niet lijmen. Elektra opbouwbaar toepassen, waardoor die op termijn weer eenvoudig demontabel is. Het zijn voorbeelden uit een project van Loohuis Installatietechniek in Enschede, waar 7 nieuwbouwwoningen zijn gebouwd op bestaande fundering.

Zolang verdienmodellen zijn gebaseerd op loonkosten, verdwijnen waardevolle materialen nog te vaak in de vuilnisbak.

Ook het werk van Loohuis zelf op die locatie moest zo circulair mogelijk zijn. Dat vraagt om een andere mindset. In een vlog van Techniek Nederland vertelt Berto Boeve namens het installatiebedrijf dat zij hun monteurs uitdrukkelijk de instructie hebben gegeven om bij alles wat ze doen na te denken over circulariteit. Volgens Loohuis is het huidige verdienmodel in de sector voornamelijk gebaseerd op loonkosten, waardoor materiaalkosten over het hoofd worden gezien en waardevolle grondstoffen in de vuilnisbak verdwijnen. ‘En dat is doodzonde’, vindt Boeve.

Elke installatie een ‘materiaaldepot’

Volgens Madaster – het ‘kadaster voor materialen’ – krijgt het materialenpaspoort in de Nederlandse bouwsector een steeds belangrijker positie. Hierin staan de materialen geregistreerd die zijn gebruikt in bouwprojecten. Zo wordt elk pand of elke installatie als het ware een helder gedocumenteerd ‘materiaaldepot’. Dit is essentiële informatie voor hergebruik aan het eind van de cyclus. ‘Immers kunnen we nooit iets hergebruiken als we niet eens weten wat we hebben’, stelt Sander Beeks van Madaster. Installatiebedrijven kunnen op eigen initiatief nu al beginnen met het registeren van hun materialen. De juiste materiaalkeuzes nu leveren over 20 jaar ook nog plezier op – zeker als die tegen die tijd goed geregistreerd zijn terug te vinden.

Stapje voor stapje

Wendeline Besier, manager maatschappelijk verantwoord ondernemen bij bouw- en techniekconcern TBI, ziet het bewustzijn in de sector inmiddels wel groeien. ‘Niet alleen grotere partijen maar ook kleinere bedrijven denken steeds meer na over circulair werken en hoe zij dat kunnen aanpakken. Het is ook inspirerend om eens na te denken over in welk deel van jouw markt een verdienmodel zit voor het refurbishen van apparatuur of componenten. Wat kost het gebruik van duurzamere materialen daadwerkelijk en wat levert het op voor de lange termijn? Stapje voor stapje is prima, het hoeft niet direct groots en meeslepend.’

Groot potentieel

Ook voor de installatiebranche is de potentie van circulair werken groot, vindt professor Tillmann Klein, hoogleraar bouwproducteninnovatie aan de TU Delft. ‘Juist omdat we hier te maken hebben met complexe producten en componenten, met 25.000 bouwgerelateerde bedrijven in de keten en het feit dat de levensduur van techniek korter is dan die van de gebouwen. Wat te doen met elektronica die 10 jaar meegaat in gebouwen die 60 jaar blijven staan? Het is echt heel interessant!’

Circulariteit vraagt om robuuste ontwerpen, makkelijk te demonteren en te upgraden.

Klein ziet de potentie in twee hoeken. Ten eerste: Wat doen met componenten die nu hun levenseinde hebben bereikt? Kunnen die worden refurbished of remanufactured? Ten tweede: Hoe kunnen we nieuwe componenten ontworpen voor toekomstig circulair gebruik? Klein: ‘Dat vraagt om robuuste ontwerpen die makkelijk demonteerbaar zijn en waarvan onderdelen zelfs een upgrade kunnen krijgen. Materiaalkeuze is hierbij belangrijk. Afhankelijk van de verwachte levensduur en functie kunnen ook biologische materialen worden gebruikt. Het gaat niet alleen om de koopprijs maar om de kosten van de levenscyclus.’

Samen aan de slag

Ook installateurs zelf kunnen er nu al mee aan de slag. Hoe? Simpel: heb het erover met anderen. Zoek contact met andere installatiebedrijven. Word lid van de Circulaire Werkgroep van Techniek Nederland op LinkedIn. Vraag je toeleveranciers om ook stapjes te zetten. Overleg met je opdrachtgevers en groothandels om dingen te verbeteren, te verduurzamen, verspilling te vermijden. ‘En het mag ook vanuit de ambitie om meer geld te verdienen hè’, zegt Besier. ‘Als we samen maar bijdragen aan die circulaire economie.’

Dat is koren op de molen van Laurens de Vrijer van Techniek Nederland, die een aantal jaren geleden gegrepen werd door het circulair denken. ‘Het wachten is nog op wet- en regelgeving van bovenaf om dit gedachtengoed in de praktijk nog lonender te maken, maar het doet me goed om te zien dat steeds ondernemers in onze branche aan de slag gaan met circulariteit. Elk voorbeeld is een zaadje dat wordt geplant, zodat we uiteindelijk samen kunnen komen tot een bloeiende circulaire economie.’

 

Ga naar de afspeellijst om alle vlogs ‘Circulair installeren: hype of toekomst?’ van seizoen 1 en 2 te bekijken! En kijk op pagina Circulaire economie voor meer informatie over dit onderwerp.

Reactie of suggestie voor deze rubriek? Mail ‘m naar demakersvanmorgen@technieknederland.nl. Alvast bedankt!